Afgeleid
Het was een dag vol bezoek vandaag. Niet echt, maar toch genoeg om er iets over te vertellen. Vanochtend in de keuken. Ik was een omelet aan het maken voor Achmed en mezelf toen hij plots zei dat hij Sofie ging meenemen naar huis. Dat hij haar ging voorstellen als een vriendin. Dat vond ik grappig. ‘Alsof je ouders niet zullen doorhebben dat het eigenlijk je lief is.’ Hij moest ook lachen. ‘Je kent duidelijk mijn ouders nog niet. Maar ik heb besloten om het te proberen. Als ik haar eerst meeneem als een gewone vriendin en ze vinden haar leuk, dan lukt het misschien wel.’
Ik was onder de indruk. Hoe had Sofie dat klaargespeeld? Het antwoord kreeg ik ’s namiddags al, toen ze me belde om te vragen of ze even mocht langskomen. Ik deed de deur nog maar open of ik zag haar glunderende ogen al. Ze had allerlei zakken mee en stormde naar boven.
‘Laat me raden. Achmed heeft je uitgenodigd bij hem thuis.’
‘Hoe weet jij dat?’
‘Haha ik zit aan de bron.’
Ik vroeg hoe ze hem overtuigd had. Niet, zei ze.
‘Je hebt het hem niet eens gevraagd?’
‘ Nee! Hij stelde het zelf voor! En omdat ik een goede indruk wil maken op zijn ouders heb ik me een hele set zedige kleren aangeschaft!’ Ze haalde een lange zwarte rok uit en een donkerblauw hemd met lange mouwen dat iets romantisch had maar vooral tot helemaal boven toegeknoopt kon worden. Ik kon een lachje niet onderdrukken. Zoals ze daar voor me stond in een kort rokje, een nauw aansluitend t-shirt en laarsjes.
‘Waar is je hoofddoek?’
‘Noah! Stop met me uit te lachen! Ik meen het serieus.’
Ze vertelde dat ze nog niets geprobeerd had. Dat ze geduld wilde hebben. Dat ze dacht dat hij misschien wel eens de man van haar leven zou kunnen zijn. Ik was onder de indruk. Het arme kind had haar lijfelijke lusten zwijgzaam onderdrukt uit liefde.
‘Maar als het goed afloopt bij zijn ouders ga ik het misschien toch eens proberen.’ Ze glimlachte samenzweerderig. ‘Dat doet me eraan denken. Wat heb ik gehoord over jou en Annelies?’
‘Ik weet niet zo goed wat het is. Ik probeer het niet te veel te benoemen. Ik vind het leuk nu.’
‘Zij weet anders wel heel goed wat het is.’
‘Jij denkt dat je heel goed weet wat het is. Hou jij je maar bezig met je toekomstige schoonouders.’
En zo kan ik het volledige gesprek hier nog proberen samen te vatten. De waarheid is dat er iets leuks is tussen Annelies en mij en dat ik het, althans vandaag, niet wil onderbreken door erover te schrijven. Maar ik moet stoppen, want ze zit hier naast me en wordt ongeduldig.
Het is niet zo goed geschreven vandaag. Ik was wat afgeleid. Het was het waard.
tss, je moet Noah wel laten schrijven he
Zo spannend voor Sophie! Ik hoop dat al haar moeite het waard zal zijn
Amai, gisteren, toen ik rond middernacht thuis kwam, wilde ik zo nog even op internet zitten. Terwijl ik eigenlijk niks moest zoeken. En toen kwam het in me op: check ‘weerwolf bij dageraad’. En bij wonder! Je post terug. Al sinds oktober!!! Had ik dat geweten…!
‘t was een fijne verrassing.