Eerste keer

Ik ben thuis. Ik staar naar dit scherm en probeer woorden te vinden. Soms stel ik het schrijven uit. Omdat ik weet dat het een lang verhaal wordt en ik misschien wel een uur bezig zal zijn. Maar dan besef ik plots dat er toch wel een paar mensen zijn die dit willen horen.

Het was een goed begin. Sofie kwam langs en propte haar jurkje en bijhorende gigantische valies – why? – in de auto en ging er zelf ook inzitten. Ik nam plaats op de passagierszetel en voelde de adrenaline door mijn lijf stromen. Ik had echt zin in een feestje. We vertrokken. We kweelden mee met Franse radio en vertelden verhalen en mopjes. Het verkeer in Parijs was vreselijk. Toen we eindelijk het appartement van Korneel en Philippe bereikten konden we wel een oppepper gebruiken. Gelukkig was die onder vele gedaantes aanwezig.

Korneel had een pak aan en zag eruit als een hippie-filmster. Zijn wederhelft had zichzelf in een lichtgrijs kostuum gestoken en zag er van zijn perfect getrimde baard tot zijn glimmende schoenen vlekkeloos uit. Sofie vroeg waar de badkamer was en ging zich omkleden. Op de één of andere manier waren ze erin geslaagd alle meubels aan de kant te schuiven en een lange tafel te improviseren. Het zag er allemaal zo feestelijk uit dat ik me plots wel heel studentikoos voelde in mijn jeans en zwart hemd. Zelfs Achmed zag er op één of andere manier beter uit, met zijn natuurlijke gereserveerdheid en zijn lage warme stem. Hij overhandigde Korneel een gigantische hoop geschenken. Van taartjes die zijn moeder had gemaakt tot kruiden en oliën. Ik glimlachte schaapachtig mijn cadeau komt nog broer en gaf hem een fles cava.

Toen opende Sofie de deur van de badkamer en schreed de kamer binnen, haar haren gemaakt nonchalant uit haar perfect opgemaakte ogen schuddend. Het was een kort zwart jurkje en ik zweer je het was onmogelijk om niet naar haar te kijken. Ik zei je dat het nu of nooit was zei ze zachtjes aan mijn oor, alvorens ze een glas champagne in de handen gestopt kreeg. Mensen belden aan en kwamen binnen. Ze plaatsten hun meegebrachte drank op een tafel die steeds voller werd. Een zwarte jongeman met een gigantische bos krullen haalde laptops en kabels uit, sloot zijn apparatuur aan op de boxen en was voor de verdere avond een crazy dj. Het was een bont allegaartje aan genodigden. Ze spraken ook verschillende talen. Ze zagen eruit als deftige hippies. Soms waren ze homo en konden ze niet van elkaar blijven. Soms waren ze gewone man en vrouw-koppels die Frans spraken.

Net toen ik me begon af te vragen hoe er eten op de elegant gezette tafel zou verschijnen terwijl de gastheren zich joviaal onder de mensen mengden, zag ik een Aziatisch aandoende man uit de keuken komen met een gigantisch dienblad vol verschillende vreemdsoortige hapjes. Mijn mond viel net niet open. Hij is een vriend van ons lichtte Korneel toe. Hij doet het voor een vriendenprijsje. Het is allemaal vis, voegde hij eraan toe en knikte richting Achmed. Sofie stootte een door champagne geïnspireerd kreetje uit. Daarom vind ik homo’s zo tof! En ze nam een hapje en at het in één hap op.

Achmed dronk spuitwater en was in een geanimeerd gesprek verwikkeld met een beeldschone mulattin die later het liefje – wat een verrassing – van de dj bleek te zijn. Ik oefende mijn Frans wat met Philippe. Sofie werd versierd door één der knapste zonen van Parijs. Ze knipoogde toen ik haar richting uitkeek. Ik hoopte dat ze het rustig aan zou doen met de champagne. We gingen aan tafel. Er was zoveel eten en het was zo lekker en speciaal en dingen waarvan ik niet eens wist dat ze eetbaar waren of zelfs überhaupt bestonden.

Het werd vijf voor middernacht. Mijn broer en Philippe stonden op. Maanden iedereen aan hun glas bij te vullen. Ik zag ze naar elkaar kijken. Glimlachen. On doit vous dire quelque chose. On va se marier. We are getting married. We gaan trouwen. Santé!

Twee voor middernacht. Iedereen buiten op het dakterras. Champagneglas in de handen. We hoorden de eerste knallen van het nieuwe jaar al. Twaalf uur. Gelukkig Nieuwjaar. En de hemel barstte los. Ik kon niet stoppen met lachen. Korneel trouwen haha hoe zalig was dat. Bel mama zei ik. We hadden haar even aan de lijn ze moest huilen ze was zo blij dat ze ons hoorde. Ze was niet alleen. Er was een vriend. Goed voor jou mama.

Tussen alle nieuwjaarskussen door zag ik Sofie Achmed naderen. Heel  dicht naderen. Hij liet zijn glas vallen. Achteraf vertelde ze wat ze hem gezegd had op dat moment.

We bespreken de details later wel maar kus me nu gewoon.

Uiteindelijk zijn we niet meer uit geweest. Mister dj legde wat bangelijke platen op en de dranktafel werd op mysterieuze wijze steeds bijgevuld. Er werd gedanst. Veel gedanst. Er werden toasts uitgebracht op alles wat je je maar kunt indenken.

Sofie kwam glunderend voor me staan. Schenk mijn glas maar goed vol het belangrijkste is gebeurd nu mag ik me bezatten. Achmed stond naast haar hij zag er wat bleekjes uit ach wat zei hij doe het mijne ook maar vol. Hij begon te lachen. Er is duidelijk een eerste keer voor alles.

Gelukkig Nieuwjaar beste lezers.

Hier ben ik

Gelukkig Nieuwjaar. Ik ben weer op kot. Het was ongelooflijk.
Ik ga eerst slapen. En dan vertel ik u er alles over.

Geduld

Korneel belde me vandaag. Die moslimvriend van je, weet hij eigenlijk? Wel, weet hij dat ik tegennatuurlijke neigingen heb, dat ik de goddeloze liefde bedrijf? Ik moest lachen. Ja hij weet het en hij heeft er geen problemen mee. Hij is nogal modern eigenlijk. Okee goed, vertel hem dan ook maar dat het merendeel van de genodigden op oudejaar ook homo’s zijn. Ehh, okee. Maak je geen zorgen daarna gaan we gewoon uit naar een normale plek haha.

Ik belde Sofie daarna en die was meteen laaiend enthousiast. Typisch. Ik ken niet zoveel homo’s hoor zei ze. Het wordt vast zo’n vet feestje. Weet je Noah, op oudejaar zal het een jaar geleden zijn dat ik Achmed leerde kennen. Ik ga een move doen. Het is nu of nooit. Ja Sofie eh je weet dat hij met een moslima moet trouwen. En wat als hij me gewoon echt graag ziet? Ik wil gewoon niet dat je teveel hoop hebt. Die moslims kunnen erg principieel zijn en zelfs hun eigen gevoelens aan de kant zetten voor hun familie. We zullen zien Noah. Steun me nu maar gewoon en vertel Achmed niets. Ik ga een jurkje kopen doei.

Vrouwen. Eens ze iets in hun hoofd hebben is het er met geen stokken meer uit te krijgen. Hoewel ik haar toch bewonder. Normaal gezien is ze heel impulsief maar dit keer is ze rustig gebleven. Ze heeft niets op het spel gezet. Afgewacht. Geduld uitgeoefend. Als het aan mij lag zou ik dat belonen.

Maar ja wie ben ik.

Loodjes

Wat is er met jou? Dat vroeg Achmed me nadat hij vijf minuten met me had gepraat. Je bent zo sarcastisch, zo bijtend. Gaat het niet goed? Ja nee het gaat niet goed ik ben lastig. Ik verdoe mijn tijd met nutteloze zaken en slaag er niet in mijn hoofd en mijn cursussen op orde te krijgen. Ik heb het gevoel dat dit de laatste loodjes van het jaar zijn en dat de grond davert onder mijn voeten. Nee dat zijn Youri en Estelle lachte hij luid. En toen moest ik ook glimlachen, noodgedwongen. Omdat het grappig was en omdat hij duidelijk zijn best deed om me op te vrolijken.

We hadden het over oudejaar. Na al dat heen en weer gemail was er nog steeds niets concreets uit de bus gekomen. Ik begon dan ook alle interesse in het gegeven te verliezen. Korneel had me voor hij vertrok op het hart gedrukt dat ik altijd welkom was bij hem en dat ik enkele vrienden mocht meebrengen. Dat ik zo lang mocht blijven als ik wilde. Ik legde het voorstel aan Achmed voor en hij was verbazend enthousiast. Hij zei dat hij een neef had in Parijs bij wie hij misschien kon blijven. En vraag jij anders Sofie om mee te gaan. Ik keek hem strak aan.

Wil je dat Sofie meekomt?

Hij haalde zijn schouders op, keek gemaakt nonchalant en antwoordde waarom niet?

En zo geschiedde het dus dat ik Sofie belde, dat die een klein gaatje in de lucht sprong en dat Achmed ons spontaan zijn auto als vervoermiddel aanbood en zichzelf als chauffeur.

Veel meer kan ik niet schrijven want het cynisme neemt weer de bovenhand. Ik denk dat ik maar eens een partijtje ga schaken hiernaast. Met een pintje. Of thee waarom ook niet.

Kerstmis

Ik ben thuis. Korneel is thuis. Het was weeral een eeuwigheid geleden dat we nog eens in hetzelfde huis, in dezelfde stad, laat staan in hetzelfde land waren. Maar nu is hij hier en hij ademt en leeft en we hebben heel veel te bespreken. Over de dingen des levens. Ik heb hem de hele historie met Dot uit de doeken gedaan. Hij zei dat ik het moest laten rusten. Dat ik moest stoppen met haar te verheerlijken. Dat ze ook maar een meisje van vlees en bloed was. Ik geloofde alles wat hij zei.

Terwijl ik deze woorden op het scherm tover zit hij tegenover me, ook met zijn laptop op zijn schoot. Hij heeft bruine krullen nu. Vroeger was zijn haar kort maar het is gegroeid. Nu staat hij op, loopt naar de keuken en vraagt of ik ook een pintje wil. Ik antwoord ja. Live. Zo meteen gaan we wat series bekijken die hij voor me meegenomen heeft. Helemaal vanuit Parijs. We voeren conversatie. Hij vertelt me dat alles goed is met Philippe maar dat hij kerstmis dit jaar met de familie uit het zuiden gaat vieren. En oudejaar samen in Parijs. Dat moet een vette party zijn. Hij vraagt me wat ik ga doen. Een beetje hetzelfde als vorig jaar zeg ik. Er zijn al veel mails heen en weer gestuurd maar ik weet er het fijne nog niet helemaal van. In elk geval het gebeurt in mijn huis.

Ik was even weg maar nu ben ik terug. Korneel heeft me mijn kerstcadeau nu al gegeven! Hij zei net dat hij geen zin meer had om nog een dag te wachten en dus gaf hij me een pak zo groot als een uit de kluiten gewassen schoolatlas. Ik deed het net open en het is een schilderij. Het is een schilderij in zwart en grijs en donkerblauw van een man die opzij kijkt. Het is een gezicht. Vlammende ogen. Het is een portret. Van mij. Het is echt wow ik heb nog nooit een schilderij gekregen laat staan van mezelf laat staan gemaakt door mijn broer.

Slim gezien natuurlijk nu heb ik nog een dag om hem een even goed cadeau te vinden. Hij wil beginnen kijken hij wordt moe zegt hij. En met wie ik toch de hele tijd aan het chatten ben. Oh. Gewoon wat vrienden.

Ik weet niet of ik hier nog raak voor kerstmis. In elk geval wens ik dat u gelukkig bent. Dat zijn alle andere wensen in één samengeperst.

We horen elkaar nog.

Het sneeuwde nochtans en ik was binnen, met dit medium op centimeters afstand van me. Ik had kunnen schrijven. Ik had kunnen updaten en mijn o zo interessante belevenissen hier kunnen uiteenzetten. Ik deed het niet. Ik weet niet waarom. Misschien weet ik wel een beetje waarom. Omdat ik geen zin had om erover te praten. Omdat soms de dagen en de weken voorbij glijden zonder dat een gebeurtenis je noopt tot vertellen.

De vorige keer schreef ik hier uitgeput en euforisch. Het voelde even weer als voorheen. Maar toen kwam de ochtend, deed zij haar ogen open en sloot ik de mijne. Zij nam een douche en vanuit mijn ooghoeken zag ik hoe een wollige groene handdoek haar lijfje omhulde. Hoe zij vergeefs een kam door haar verwarde haren trok. Hoe zij gauw een kom cornflakes naar binnen werkte en enkele woorden op een stuk krant krabbelde. En toen was ze verdwenen. Ik rolde weer op in bed en viel als een blok in slaap. Enkele uren later was het bijna weeral donker geworden en vond ik haar bericht naast de doos sojamelk.

Dankje voor de nacht Noah.
Doe alsof je thuis bent.
We horen elkaar nog.

Voor iemand die ooit verkondigde dat ze theaterteksten wilde schrijven vond ik het wel erg droog. De realiteit was even grijs als de morning, de evening after. En dus raapte ik mezelf samen en treinde weer naar de stad waar alles mogelijk is. Ik heb er niemand iets over verteld en vind dat ook niet nodig. Ik heb wat nagedacht en me afgevraagd hoe gezond het is om terug te keren naar je verleden. Hoe echt het is en hoe je jezelf zo snel kunt verliezen. Ik heb niets meer van haar gehoord en ben te koppig om zelf iets te laten horen. Tot zover mijn glamoureuze bestaan.

Ik beloof u. Ik schrijf morgen meer. En dan zal ik wat minder nukkig zijn.

Zolderraam

Dit is de computer van Dot. Ik zie haar slapen. Ze heeft een groot bed met rode lakens en rode kussens. Ik wil niet weten wie hier voor mij allemaal sliep. Ik wil niet weten waar haar dromen verstopt zitten en of ik er nog deel van uitmaak. Ik ben hier nu, op een betekenisloze maandagavond, zonder dat het gepland was en zonder dat wij beseften dat geschiedenissen zich herhalen.

Zij slaapt met haar mond een beetje open en omarmt het kussen. Ik lag daar ook, tot daarnet, toen het tot mij doordrong dat ik een uur kon wakker liggen en ook een hele nacht. Ik doe mijn best om heel zacht op de toetsen te drukken. Ik doe mijn best om niet hard te ademenen en niet luid lief te hebben.

Zij heeft gebeld. Het heeft haar bijna twee weken gekost maar zij heeft gebeld. Ze was net op tijd. Ik had mijn mobiele telefoon al ettelijke malen in mijn verlamde handen gehad maar had mezelf telkens weerhouden iets te ondernemen. Ik was de man. Ik behoorde geen gevoelens te tonen. Ik was één der velen die met haar gedanst hadden die bewuste avond na het theater. Als ze mij verkoos dan moest ze dat maar duidelijk tonen. Na al die maanden was ‘bel mij’ net niet goed genoeg.

‘Ik geef morgen een feestje Noah. Kom je ook?’

Het leek absurd en wie kan zomaar ingaan op een uitnodiging de avond voordien en wie verplaatst zich zomaar naar de andere kant van fucking Vlaanderen. Niet over nadenken had Julius gezegd. Gewoon doen. Wat heb je te verliezen? En hij ging verder met het voederen van kleine Titus en het leven leek plots zo simpel en ik vertrok en las de krant op de trein. Het feestje was een succes en ik kende niemand maar daar had ik me op voorbereid en ik vertoonde sociale vaardigheden waarvan ik nooit gedacht had dat ik die in dergelijke mate bezat. Het werd ochtend en ik was in een uiterst interessant gesprek verwikkeld met een niet onknap meisje en ik ontmoette Dots blik toen die vanuit haar ooghoeken naar die van mij tuurde.

Voor ik het wist was ik vuile glazen en etensresten bijeen aan het rapen en was ik de enige jongen tussen een hoop meisjes die ik niet kende en die blijkbaar haar vriendinnen waren. Plots was ik alleen. Plots was al het vuilnis op een hoop gegooid en had zij twee wijnglazen gevuld met rode wijn en het was nog donker hoewel het al ochtend leek en zij stapte strategisch uit de strakke jeans die haar begeerlijke vormen zo goed deed uitkomen.

Ik aarzelde niet. John Lennon zong let it be op de achtergrond en ik zette de cruciale stap in haar richting. Ik opende het bovenste knoopje van haar truitje en loopte de reeks af naar beneden. Ik hoorde haar ademen. Ik voelde haar hart kloppen. Ze wiegde op en neer op haar tenen en kon zich toen blijkbaar niet meer houden. Godverdomme zei ze, zuchtte ze en ze legde haar lieflijke handen op mijn gezicht en drukte haar, haar, haar hele wezen op mijn lippen en het leek alsof de wereld stopte. Een fractie van een seconde kon ik niets doen. Alsof mijn hele lijf even wilde stilstaan bij het feit dat zij eindelijk weer van mij was, voor even.

Plots herinnerde ik me weer hoe het was om te kussen, om die impulsen te voelen die doorheen je lijf lukraak verbindingen maken en die je geest en zoveel meer vertroebelen en dat je moet glimlachen en luidop lachen en dat je haar zachtjes achterover drukt en dat ze zucht en zich welwillend overgeeft en dat je dat beentje in haar hals kust en dat ze zachtjes kreunt en dat je dat lijfje weer voelt. En je wil geen plekje overslaan en je kust als een bezetene elke vezel elke oneffenheid elk plekje dat tegelijk een herinnering is aan iets wat nooit gebeurd lijkt te zijn geweest. Ikziewugraaggodverdomme en het lijkt een taal die je ooit kende, toen je jong was en de toekomst nog helder leek, en zonder obstakels en je denkt even laat dat maar je weet maar half wat liefde is maar kust door en laat je vingertoppen over elke welving glijden en oh my god het is alsof alsof het is alsof je nooit meer zult voelen wat je op dat moment en daar en hoe en wanneer en voor waarom is geen plaats en je eet rechtstreeks uit de hand van het leven en zelfs met je ogen knipperen lijkt een buitenaardse handeling.

En dan sluit ze haar ogen en grijpt ze een stuk van je arm en fluistert ze je naam of iets wat daarop lijkt en ze zucht en zegt of zegt niet of het lijkt dat klanken je om de oren slaan ik heb je gemist noah. Ik was vergeten hoe het allemaal voelde. En je weet je kan niet antwoorden want voor het eerst lijkt alles weer helemaal op zijn plaats.

En je weet je hebt geen toekomst nodig en geen verleden alleen het hier, en het nu, en het kloppen van haar hart dat elk tijdsbesef overbodig maakt. God zij slaapt zo mooi. God de regen tikt zo ritmisch tegen het zolderraam.

Bel me

Ik sprong op mijn fiets en reed bijna onder een tram. De volgende dag ging in een waas aan me voorbij. En zo geschiedde het dat ik voor de tweede dag op rij alleen aankwam in een met fascinerende individuen gevulde aankomsthal. Deze keer kwam geen bekende me van die vreemde mengeling van opwinding en stress redden. En dus werd ik gauw vrienden met de barman. Of met het glas, zo u wil.

Dit keer ging ik achteraan zitten. Haar gezicht was zelfs al wazig van waar ik zat. Het gaf me niet. Ik ademde de lucht die zij ademde. Ik hoorde de woorden die zij sprak. Ik had het gevoel dat ze daar enkel voor mij stond, alsof ze elk moment mijn naam kon noemen en wij er dan halsoverkop vandoor gingen. De felle hoest van de man twee zitjes verder haalde me af en toe weer uit mijn dagdroom.

Na de voorstelling drong het tot me door dat we niets hadden afgesproken. Wat waren haar plannen? En wat stond ik daar nu een beetje lullig te wezen? Even later kwam ze onder luid escorte de foyer binnengewandeld. Dit keer droeg ze een nauw aansluitende jeans en elegante schoentjes met een hakje. Toen ze dichterbij kwam merkte ik dat ze ook make-up droeg. Haar lichte ogen waren groter dan ooit en ze had haar lippen roder dan anders gemaakt.

Zeggen dat ze er in alle eenvoud echt adembenemend uitzag doet zelfs geen recht aan het gevoel dat ik toen had. Het was alsof ze recht uit het verleden weer voor mijn ogen gekatapulteerd was. Dot 2 – the upgraded version.

Ondertussen merk ik dat ik hier elk detail wil beschrijven en dat ik al vier posts lang bezig ben met wat eigenlijk maar enkele uren beslaat. Ik moet het korter maken. Ik ging mee met haar naar het feestje. Ik infiltreerde in de duistere wereld van het theater wanneer het doek al lang gevallen is. Ik praatte met de meest intrigerende figuren en gaf mijn ogen de kost – geloof me, actrices zijn stuk voor stuk sexy, ze weten gewoon hoe ze moeten hanteren wat de natuur hen schonk. Af en toe danste Dot heel  dicht bij me, met dat lijfje van haar in de meest surreële posities en soms keek ze me diep in de ogen.

Ze was anders. Ze deed haar best niet om te zijn, ze wás gewoon. Ik zag mannen naar haar kijken en haar begeren en het deed haar niets. Ze leek vrij, gelukkig en stralender dan ooit. Plots besefte ik dat ze in één klap weer helemaal terug was. Dat ik haar wilde aanraken. Dat ik door haar haren wilde strelen en haar ranke schouders wilde kussen. Plots besefte ik dat ik weg moest. Dat zij niet meer van mij was. Bel me zei ze nog en ze drukte haar lippen op mijn bezwete gezicht.

Het was een gat in de ochtend en de regen deed me goed. Het ontnuchterde op alle vlakken.

We zijn ondertussen een week verder en ik heb nog niet gebeld. Zij ook niet. Ik ga slapen en proberen eens niet over haar te dromen.

Sigaret – 3

Een glas cola. Ik dronk grote slokken. Mijn hand bleef trillen en ik kon het amper verbergen. Ik hoopte maar dat Marieke lang genoeg zou blijven. Ik hoopte maar dat Dot plots tevoorschijn zou komen. Of toch ook niet. Ik was bang dat ik geen woord over mijn lippen zou krijgen. Bang dat ze in de armen zou vliegen van die grote knappe kerel naast me. Doe mij maar een whisky hoorde ik mezelf tegen de barman zeggen. Marieke en haar vriendin vertrokken en ik wandelde mee naar buiten, beseffende dat het beter was dat ik haar niet meer te zien kreeg. Eén der mannelijke acteurs stond buiten te roken. Ik deed teken aan de meisjes dat ze mochten gaan. Ik vroeg een sigaret en vuur. Het was drie jaar geleden. Ik hoestte wat in het begin maar toen verspreidde zich samen met de rook ook een vreemdsoortige rust door mij heen.

Net toen ik weer normaal kon ademhalen wandelde ze naar buiten, nonchalant, een losse jeans en vormeloze schoentjes, haar haren slordig opgestoken. Ze werd door een willekeurige voorbijganger gefeliciteerd en wendde zich tot de roker toen ik haar ogen plots over mijn gezicht voelde glijden.

‘Noah!’
God wat ben je mooi dacht ik maar mijn stem klonk verrassend vast toen ik haar aansprak en de nonchalance die ik veinsde leek natuurlijker dan ooit.
‘Onze actrice.’
‘Hoe kom je hier? En waarom? Ben je alleen? Wat vond je ervan?’
Dat was het begin van een gesprek dat begon daar buiten, tegen de muur, terwijl die jongeman met de sigaret wezenloos voor zich uit staarde en wij een conversatie voerden die evolueerde van de obligate clichématige uitspraken tot een soort enthousiaste nieuwsgierigheid. Ze stak ook een sigaret op.
‘Ik wist niet dat je rookte?’
‘Er is veel dat we niet meer van elkaar weten, Noah. Ik speel morgen nog eens. Als je nog eens wil komen kijken? Er is een feestje achteraf.’
Voor ik het wist had ik ja gezegd en hadden we afscheid genomen.

Sproetjes – 2

Ik ging alleen. Een compleet nieuwe ervaring moet ik toegeven. Het theaterwereldje is altijd verheven van de hippe, knappe, welbespraakte individuen en je voelt je zelfs in gezelschap wat doordeweeks en saai. Maar kom dan bovendien nog eens alleen toe in een overvolle foyer waar interessante mensen ogenschijnlijk de pittigste discussies voeren en ranke meisjes op rode schoentjes een oudere knappe man met stoppelbaard moeiteloos om hun vingers winden.

Gelukkig zag ik dat Marieke er ook was met een vriendin. Ze wuifde me enthousiast goeiedag en redde me van een halfuur ongemakkelijk voor me uit staren. Ja ze begon wat laat, die voorstelling. Ze begon wat laat maar Marieke slaagde erin om ons op drie plaatsen helemaal in het midden te wurmen en ik had het geluk dat er geen dikke man van twee meter voor me gestationeerd was.

De spot ging aan en richtte zich op een beeldschone jonge vrouw met lange koperbruine lokken en een egaal gezicht. Ik zou gezworen hebben dat ik sproetjes zag maar het was mijn brein dat de extra details toevoegde aan het geheel van kenmerken dat voor altijd in mijn geheugen opgeslagen was gebleven. De vrouw sprak de eerste woorden uit en voor de rest van de avond was ik verlamd. Het was Dot. Het was niet meer mijn Dot van vroeger, het kleine grillige meisje dat woedeuitbarstingen afwisselde met passionele gelukzalige momenten. Ze was groter, volwassener, vrouw.

Ik was verloren. Mijn lijf was de meest vanzelfsprekende taken vergeten. Ik kon niet meer slikken. Met mijn ogen knipperen. Alle gevoel was uit mijn linkerhand getrokken. Ik kuchte maar er kwam geen geluid uit. Intussen zette zij haar monoloog voort. Mijn brein kon van de klanken geen zinnige woorden maken. Via mijn ogen en oren, de enige functies die wel nog volop in gebruik waren, bereikten de meest verheven indrukken mijn hele lijf. Ik was compleet verloren.

Applaus. Het was goed hé, sprak Marieke luid boven het geklap uit. Ik denk dat ik enkel maar knikte. Laten we iets gaan drinken zei ze. Ik knikte opnieuw. Je was toch niet in slaap gevallen? Nee hoor. Helemaal niet.

Volgende pagina »